Op de website cao.bogeboortezorg.nl vind je alle artikelen en de bijlagen van de cao. Ook kan je de cao Kraamzorg 2024-2026 in pdf. bestand downloaden.
Bo is een van de partijen die de cao heeft afgesloten. Dit betekent dat alle organisaties die aangesloten zijn bij Bo de cao moeten volgen, ook als deze nog niet algemeen verbindend is verklaard. De algemeen verbindend verklaring (avv) houdt in dat iedereen in de sector zich hier aan moet houden, ook de organisaties die niet aangesloten zijn bij een van de partijen van de cao.
Het gaat om de definitie van de Arbeidstijdenwet: ‘Er is sprake van een nachtdienst als er meer dan 1 uur gewerkt wordt tussen 00.00 en 6.00 uur’.
In artikel 1.1 punt 15 zijn de definities aangepast:
Dit maakt duidelijk dat beide vormen van bereikbaar zijn onder dezelfde regeling vallen.
Deze wijziging zorgt voor meer eenduidigheid in de terminologie.
Volgens artikel 4.7 lid 2 start een kraamverzorgende standaard met een wachtdienst, omdat de aard van het werk onvoorspelbaar is. Je moet paraat staan voor:
Er zijn twee uitzonderingen:
Ja. De werkgever mag in overleg met het medezeggenschapsorgaan (OR of personeelsvertegenwoordiging) positief afwijkende afspraken maken voor medewerkers die uitsluitend partusdiensten draaien. Dit mag afwijken van:
Hiermee kunnen organisaties meer maatwerk bieden als de aard van het werk in partusdiensten dat vraagt.
Een wachtdienst mag maximaal 8 aaneengesloten uren duren.
Daarnaast geldt:
Dit sluit aan bij de Arbeidstijdenwet.
Een dienst betreft voor een kraamverzorgende een zorginzet inclusief de uren gemaakt in de daaraan voorafgaande wachtdienst. Indien er sprake is van een incidentele situatie mag je werkgever van je vragen maximaal 12 uur per dienst te werken (inclusief de uren van je wachtdienst). Voor de uren die je op wacht hebt gestaan ontvang je een wachtvergoeding. Deze uren worden niet als werkuren uitbetaald.
Belangrijk: Reistijd naar/van je werk (woon–werkverkeer) telt hier niet in mee. Als je ambulant werkt en je tijdens je dienst naar een ander gezin moet reizen, dan telt die reistijd wel hierin mee.
In dat geval hervat je je wachtdienst na afloop van de inzet, tot het einde van de oorspronkelijke 8 uur.
Voorbeeld:
Anja start om 8:00 uur met een wachtdienst en wordt om 8:10 uur gebeld. Anja krijgt dus een wachtvergoeding en arbeidsuren. Anja wordt van 8:30 uur tot 14:00 uur ingezet voor zorg bij gezin a en vervolgt daarna haar wachtdienst (de wachtdienst duurt in de basis 8 uur voor Anja is dat tot 16:00 uur). Anja kan dan tot 16:00 worden opgeroepen voor gezin b (net als voorheen). Anja haar dienst mag maximaal 10 uur duren, incidenteel 12 uur (art 4.7 punt 5). De uren gemaakt in de voorafgaande wachtdienst tellen mee voor de 10 uren (art 4.4.2).
Anja ontvangt in dit voorbeeld één keer een wachtvergoeding.
Tijdens een wachtdienst kun je meerdere keren worden ingezet, bijvoorbeeld:
Specifiek voor partusassistentie:
Dit geeft flexibiliteit bij situaties waarin de bevalling anders verloopt dan voorzien.
Ja. Zodra je wordt opgeroepen en zorg verleent, telt deze tijd direct als arbeidsduur.
Dit is van belang voor:
Als je op wacht hebt gestaan dan krijg je altijd een vergoeding, óók als je niet wordt opgeroepen.
Vergoeding per maximaal 8 uur:
Niet opgeroepen?
Dan ontvang je 150% van deze bedragen.
Voorbeeld:
Op maandag 1 dienst van € 11,44 → bij geen oproep wordt dit € 17,16.
Indexatie:
Vanaf 1 januari 2026 worden deze bedragen verhoogd met dezelfde procentuele loonstijging die per 1 augustus 2025 wordt toegepast, en vanaf dan bij iedere cao loonsverhoging.
Ja. De werkgever mag in overleg met het medezeggenschapsorgaan (OR of personeelsvertegenwoordiging) kiezen voor een compensatie in tijd in plaats van geld.
Compensatie in tijd:
Ook hierbij geldt:
Het medezeggenschapsorgaan vertegenwoordigt de werknemers. Mocht je als werknemer het niet eens zijn met de keuze van je werkgever, dan kan je dit oppakken met het medezeggenschapsorgaan.
De werknemer heeft het recht om minimaal 14 dagen van tevoren te weten:
Dit draagt bij aan een voorspelbaar rooster. In het geval van calamiteiten of individuele afspraken met een medewerker kan hiervan worden afgeweken.
Ja. Reistijd tussen zorginzetten of cliënten geldt als arbeidsduur.
Daarnaast krijg je reiskostenvergoeding volgens artikel 6.2 van de CAO.
Ja dat mag. Er wordt van jou verwacht dat je om 8 uur klaar staat en direct kan vertrekken.
Voorbeeld:
Anja start op haar startdag om 8:00 uur met een wachtdienst. Anja krijgt om 7:30 uur een bericht dat zij om 8:00 uur kan starten bij gezin a. Anja kan dus direct aan het werk. Na gezin a kan zij direct door naar gezin b. Haar dienst eindigt om 16:00 uur. Anja ontvangt geen wachtvergoeding, omdat zij feitelijk niet op wacht heeft gestaan. Op een werkdag geldt het recht op onbereikbaarheid niet. Dit betekent dat een werkgever voor de dienst mag doorgeven waar en hoe laat de arbeid plaatsvindt, ook vóór de dienst begint.
Je werkgever heeft de mogelijkheid je werktijd eenmalig te onderbreken zonder dat deze onderbreking werktijd of pauze is.
Voorbeeld:
Anja begint om 8:30 uur aan haar tweede werkdag in gezin a, het gezin moet plotseling naar het ziekenhuis en Anja is om 11:00 uur weer thuis. Na de planning te hebben gesproken, onderbreekt de werkgever haar dienst. Anja wordt op wacht gevraagd voor de middag. ‘s Middags om 13:00 uur wordt Anja weer gebeld voor een tweede gezin. Haar dienst wordt hervat en vanaf dat moment telt de arbeidstijd verder. Anja ontvangt naast haar gewerkte uren een wachtvergoeding van minimaal 8 uur, ongeacht het aantal uren dat Anja op wacht heeft gestaan.
De werkgever is verplicht de kosten van de door het Kenniscentrum Kraamzorg (KCKZ) verplicht gestelde functie- en beroepsgerichte scholingen en de kosten van herregistratie in het register volledig te vergoeden. Deze kosten zijn onderdeel van het scholingsbudget van minimaal 2% van de loonsom. Ook de verplichte re-certificerings- en examenkosten volgens IBCLC voor lactatiekundigen worden vergoed. Zie voor meer informatie artikel 12.1 uit de cao Kraamzorg.
Herregistratiekosten worden in één keer voor vier jaar betaald bij herregistratie. Mocht je tijdens die periode van vier jaar uit dienst gaan, dan hoef je die kosten niet terug te betalen. Uiteraard hoeft de werkgever bij nieuwe medewerkers die reeds ingeschreven staan de registratiekosten niet meer te vergoeden.
De toeslag op inconveniënte uren wordt (net zoals de vakantiebijslag, de wachtdienstvergoeding en de reiskosten) uiterlijk twee dagen voor het einde van de kalendermaand volgend op de kalendermaand waarin de aanspraak is ontstaan uitgekeerd. Zie voor meer informatie artikel 5.3 in de cao Kraamzorg.
De hoogte van de ORT over vakantie-uren wordt gebaseerd op de gemiddelde ORT over de 6 maanden voorafgaand aan de maand waarin de vakantie wordt opgenomen. Daarnaast wordt de hoogte van de ORT over ziektedagen gebaseerd op de gemiddelde ORT over de 6 maanden voorafgaande aan de maand waarin de eerste ziektedag ligt. In die periode kunnen vakantie-uren/dagen liggen. Over die vakantie-uren/dagen is ook een gemiddelde ORT uitbetaald. Deze vakantie-uren/dagen en de daarover ontvangen ORT worden in de berekening meegenomen tenzij dit tot een onredelijke (afwijkende) uitkomst leidt.
Wanneer er gewerkt wordt op inconveniënte uren. Voor het werken op inconveniënte uren geldt een toeslag van 40% voor het voor jou geldende uurloon. Zie voor meer informatie over inconveniënte uren artikel 4.11 uit de cao Kraamzorg.
Ja, als onregelmatige diensten worden verricht, ontvang je tijdens betaalde vakantie-uren of betaald verlof een gemiddelde aan onregelmatigheidstoeslag. Dit gemiddelde wordt berekend over de afgelopen 6 maanden voorafgaand aan de opname van de vakantie-uren respectievelijk het verlof.
Bo heeft een Q&A Verloftoekenning Kraamzorg gemaakt, waarin de antwoorden op vragen over verloftoekenning voor jou op een rijtje zijn gezet.
Jaarlijks ben je in ieder geval 22 weekenden vrij. De werkgever kan verzocht worden minder vrije weekenden in te plannen, echter dit kan nooit minder zijn dan 17 vrije weekenden per jaar. Zie voor meer informatie artikel 4.6 ‘Vrije weekenden’ uit de cao Kraamzorg.
De extra verlofuren voor medewerkers tussen de 50 en de 54 jaar en ouder dan 55 jaar, staan in de bijlage. De verlofuren voor medewerkers ouder dan 50 jaar, maar jonger dan 55 jaar staan in bijlage 6.
De ‘reisbeweging’ moet los van elkaar worden gezien. Het gaat eerst om reizen naar een client volgens artikel 6.2 waarbij geldt dat boven 23 km per dag de kraamverzorgenden €0,26 ontvangt. Daarnaast gaat het om een reisbeweging volgens artikel 6.1 of 6.4, daarvoor geldt een vergoeding van €0,21 per km.
Ja, dit artikel geldt voor alle medewerkers die op of na 1-1-2026 minimaal 2 jaar ingedeeld zijn in het laatste volgnummer van de betreffende salarisschalen.
Op basis van artikel 5.4 lid 1d hebben medewerkers met een primaire functie die op of na 1 januari 2026 reeds 2 jaar zijn ingedeeld in het laatste volgnummer van de salarisschalen 35, 40, 45 of 50 recht hebben op één periodiek bovenop de huidige salarisschaal.
Per mei. Je krijgt dit alleen als je aan de voorwaarden voldoet. Dus o.a. als je de afgelopen 2 jaar in de laatste periodiek zat en dus geen tussentijdse periodiekverhoging hebt gehad.
Afgesproken is dat enkel diegene die zorg leveren een extra periodiek ontvangen.
De stagevergoeding bedraagt €546,02 bruto per maand (per 1 januari 2026) of als je als werkgever periodebedragen toepast dan ontvangt de stagiair(e) €504,02 per periode.
Je hebt het recht de werkgever te verzoeken de vakbondscontributie te voldoen uit de eindejaarsuitkering (zolang dit fiscaal gefaciliteerd kan worden).
De onderbreking zelf telt niet mee in de telling voor de jubileumgratificatie omdat er op dat moment geen dienstverband bestond onder de cao. De dienstverbanden ervoor en erna tellen wel mee. Na een onderbreking gaat de telling dus gewoon door.
Rekenvoorbeeld:
• In dienst bij kraamzorgorganisatie: 5 jaar
• Werkzaam als zzp’er: 5 jaar
• In dienst bij kraamzorgorganisatie: 5 jaar
Dan heeft de medewerker een dienstverband van 10 jaar.
Zoals artikel 4.3 ‘Min- en plusuren’ zegt moet de werkgever de werknemer ieder kwartaal informeren over de min- en plusuren. De werkgever houdt dus het signaleringssysteem bij. Op basis van dit systeem maakt de werkgever samen met de werknemer afspraken om te komen tot een oplossing voor de openstaande min- en plusuren.
